Zaterdag 9 Juni – World Gin Day

Aankomende zaterdag is het World Gin Day, een dag waar je natuurlijk al maanden naar toeleeft!  Om dit te vieren vindt de 2e editie plaats van het Gin Festival Utrecht, maar uiteraard kun je dit ook in je favoriete bar vieren, of gewoon thuis. 

gin-festival-2018-245

De afgelopen jaren heb ik al veelvuldig over gin geschreven op mijn website.  Hoe dit de drankcultuur in Nederland volledig op z’n kop zet: van mainstream mixjes naar royale coppa’s vol ijs met mooie dranken, mixers en garneringen.  En hoe dit de toch wat zieltogende Nederlandse distillateur weer een geweldige manier verschaft om haar kunde te tonen.  Want vakmanschap is nog altijd iets dat in ruime mate aanwezig is in ons landje, dat in vroeger dagen leidend was in de wereld op het gebied van distilleren.  Nog maar net iets meer dan honderd jaar geleden was jenever zelfs de meest gedronken drank op aarde.  Sinds de oorlogen en crises tussen 1914 en 1945 is jenever teruggedrongen tot binnen de landsgrenzen van België en Nederland.  Gelukkig is jenever in binnen- en buitenland aan een voorzichtige wederopstanding bezig.

De gin-revival was een mooie aanleiding voor Nederlandse distillateurs om zelf ook zich te gaan wagen aan het vervaardigen van gin.  De jeneververkopen liepen immers al sinds de jaren ’70 in rap tempo terug en zo konden zij hun kunde tonen en tegelijk hun ketels een stuk productiever laten zijn.  Van oudsher zijn Nederlandse distillateurs goed in het herdistilleren van botanicals.  Dat wil zeggen dat het vervaardigen van de basisalcohol, dus zowel neutrale alcohol als moutwijn, door een derde partij wordt gedaan.  Deze alcohol wordt ingekocht en daarna met deze botanicals geïnfuseerd of gedistilleerd. Zo wordt jenever gemaakt en zo wordt dus ook gin gemaakt.  Er is een groot aantal zeer fraaie gins op de markt gekomen de afgelopen jaren uit de koker van een aantal gerenommeerde distillateurs, wat bijvoorbeeld de reden was voor Schiedam om zich als Gin City te profileren.  Daarnaast hebben zich een hoop nieuwe spelers in de markt geworpen met een eigen distilleerderij, waar, weliswaar met vallen en opstaan, volop wordt gewerkt aan gins, jenevers vodka’s en nog veel meer moois.

Elke gin brengt wel weer iets nieuws en daarom worden ook bij elke nieuwe soort weer ontelbare nieuwe combinaties met tonic en garneringen toegevoegd aan het toch al niet geringe spectrum aan smaken.  Om je deze zomer ook optimaal te laten genieten van de geliefde G&T, heb ik nog even op een rijtje gezet hoe je de lekkerste mixjes maakt!

gins

Het glas.
Het soort glas is natuurlijk van invloed op de smaak!  In Nederland kenden we met name de longdrink, maar uit Spanje is de coppa over komen waaien.  Dat oogt natuurlijk spectaculair, maar kan ook wat onhandig drinken.  Maar stiekem wel het beste glas voor de G&T doordat je geen koude handen krijgt en dus ook minder smeltwater in je glas.  Het glas is natuurlijk nog op kamertemperatuur als je het gaat gebruiken, dus even voorkoelen is handig.  Gooi het smeltwater daarna wel weg.  Maar welk glas je ook kiest: gebruik nooit een rietje!

De gin & de tonic
Logisch natuurlijk, maar welke tonic past nu het beste bij jouw favouriete gin?  Mijn stelregel is dat de tonic de gin kan maken of kraken.  Het leukste is om een paar gins te kopen en vervolgens bij een specialist een flink aantal verschillende flesjes tonic.  En dan is het proeven geblazen!  Het leukste is natuurlijk om dit te doen met je vrienden, op je terras.

IJS
Ja, dat moet in hoofdletters, want veel ijs is een onmisbaar ingrediënt in je G&T.  Te weinig ijs?  Dan krijg je dus een verwaterde plens.  En dat wil je niet.  En je glas moet dus helemaal vol.  Nog even voor de zekerheid: doe éérst ijs in je glas en laat het even koelen. Gooi het smeltwater weg en je kan aan de slag gaan met het maken van je mix.  Als je het ijs als laatste toevoegt gaat ten eerste je tonic zó hard bruisen dat je glas overloopt.  Ten tweede krijg je zo extra smeltwater in je mix doordat het glas nog niet koud was.

chillen

Verhouding
De beste verhouding om je gin en tonic te mixen is 1 op 3.  Op die manier wordt de smaak van de gin niet teveel verdund.  Sommige gins zijn echter wat lichter, dan zou je dus iets minder tonic kunnen gebruiken.  En andersom geldt natuurlijk hetzelfde.  Gebruik dus een maatbekertje, daarmee weet je zeker dat je mixje de perfecte verhouding heeft.

De garnering
Hierbij geldt: less is more.  Een heel glas volplempen met je kruidentuin is niet de weg naar de beste G&T.  De magie moet komen uit de optimale combinatie gin en tonic, de garnering moet echt de kers op de taart zijn.  Let ook op wat het effect van de garnering is. Een verse garnering als munt of basilicum voegt enorm veel toe aan de neus, dus die plaats je bovenaan.  Gedroogde kruiden geven vaak pas na een tijdje hun smaak af, maar kunnen daarna wat doorschieten.  Bijvoorbeeld nemen kaneel en steranijs, als deze langer dan 5 minuten in je glas zitten, volledig bezit van je mix. Een verse garnering als komkommer, limoen of sinaasappel voeg je als toe voordat je de gin en tonic inschenkt. Een droge garnering voeg je als laatste toe.

garnish

Roeren en walsen
Dat moet je dus niet teveel doen, want in tonic zit koolzuur en dat verdwijnt naarmate het meer in beweging komt.  Ook als je je G&T in een coppa serveert, die doet denken aan een wijnglas, dan dus ook hier het devies: ga er niet teveel mee walsen. En je hebt dan ook nog de liefhebbers die de tonic via een lepel willen inschenken, en de tegenstanders hiervan. Voorstanders vinden dat je zo de bubbels bewaart, tegenstanders denken juist dat de bubbel zo extra snel uit je tonic verdwijnt. Mijn mening: er is genoeg bubbel voor iedereen: met inschenken verdwijnt er koolzuur, met via de lepel inschenken óók.  Doe dus gewoon lekker wat je zelf het lekkerst lijkt.

Maar vooral: niet te moeilijk doen, dit filmpje laat zien dat het bij sommige mensen wat te ver kan doorslaan.

HAPPY WORLD GIN DAY!

lepel

 

 

Mister Cocktail

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *